De La Mar achter drie gevelvarianten
Restauratie, herbouw en nieuwe glasgevel
Toen Joop en Janine van den Endeop 28 november de koningin ontvingen voor de officiële opening was de verf bij wijze van spreken nog nat. Een enorme klus was net op tijd geklaard. Nadat het sterk verouderde Nieuwe de la Mar en de aangrenzende Calypso bioscoop vijf jaar geleden waren gesloopt, is er nu een veel groter theater verrezen.
Twee zalen
Naast een intieme zaal (600 stoelen) die de oude theatersfeer ademt, is er een grote zaal met 950 stoelen die voorzien is van alle mogelijke theatertechniek. Tussen de zalen ligt het entreegedeelte met onder meer garderobes en foyers. Dit alles speelt zich af achter een bijzondere, 75 meter lange gevel die, ondanks het volume dat er achter schuil gaat, wonderwel blijft passen in het Amsterdamse straatbeeld.
Driedeling
Van den Ende had voor het gevelontwerp de Architecten Combinatie Jo Coenen & Arn Meijs Architecten (ACCA) ingeschakeld, de combinatie die eerder voor hem het (nog) niet gebouwde theater aan de Zuidas ontwierp. De opgave was om een breed gevelfront te ontwerpen, gelegen aan de Marnixstraat met zijn vele monumentale panden. Het bestaande gecombineerde theaterfront was voor het gewenste achterliggende volume nog eens verbreed door aankoop van drie belendende panden met imposante gevels.
Architect Meijs ontwierp een plan dat het gevraagde gevelfront in drieën splitste. Aan de linkerzijde werd de oude gevel van het De La Mar gesloopt en geheel herbouwd. Het meest linkerdeel kreeg daarbij een verdieping tussengevoegd om zo een betere aansluiting te krijgen op het naastliggende American hotel en om de toneeltoren wat uit het zicht te halen. Het rechterdeel (de aangekochte panden) is zorgvuldig geconserveerd en gerestaureerd, terwijl alles wat er achterlag is gesloopt.
Middelste deel
Het tussendeel, waar de voormalige Calypso bioscoop was gevestigd, had geen architectonische waarde en maakte plaats voor een geheel nieuwe en eigentijdse gevel van glas. Transparant en uitnodigend.
Het plan van Meijs paste in het straatbeeld, hield de schaal en de maat intact en kon toch de gewenste allure van feestelijk uitgaan geven. Van den Ende en de welstandcommissie waren het eens. ACCA kreeg de vervolgopdracht voor ontwerp van het achterliggende theater en werkte samen met BRS Building Systems de glazen gevel uit.
Glasdak
Frank Glaudemans, projectmanager bij ACCA, is zeer te spreken over de wijze waarop het gevelontwerp tot in detail werd uitgewerkt. ‘Na twee dagen intensief overleg met BRS kwamen de adviseurs twee weken later terug met een complete uitwerking waarin we slechts op een enkel detail iets moesten aanpassen.’
De glasgevel staat vrij voor het bouwdeel waardoor er vanaf de verschillende verdiepingen onderling contact mogelijk is. Aan de bovenzijde is de gebouwhoge vide met een glasdak dichtgezet. Een glazen luifel boven de twee dubbele entreedeuren beschermt bezoekers bij regen.
Stalen vinnen
15 meter lange, stalen vinnen geven over de hele hoogte stijfheid en stabiliteit aan het glasvlak geven. De vinnen zijn h.o.h. 1,645 m geplaatst en geven zo een ritme dat past bij het gevelritme in de bestaande, links en rechts aansluitende baksteengevels. De vinnen zijn 20 mm dik en hebben een diepte die varieert van 150 tot 500 mm. Het geschoopeerde staal heeft een afwerking met een tweelaags natlaksysteem met hamerslag in een antracietkleur.
In de vijftien meter hoge en achttien meter brede glasgevel (die ook nog achttien meter doorloopt boven het herbouwde geveldeel ter linkerzijde) zijn diverse soorten glas toegepast: ongehard HR++-isolatieglas (8-18-6.5); gehard en gelaagd glas op de begane grond; HR++-gehard/halfgehard isolatieglas (10-20-6.6) voor het dak; gelaagd gehard/halfgehard glas (8.12) voor de luifel.
Warm en brandwerend glas
In het glas is ook een oplossing gevonden voor de koudeval die binnenkomende bezoekers parten kan spelen. Hiervoor is boven de entreedeuren een twee meter hoge strook glas geplaatst dat elektrisch verwarmd wordt. Dit naast het aanbrengen van een verwarmingsbuis bovenin de vide en het inblazen van voorverwarmde lucht vanuit vloerroosters op de begane grond.
Een speciale eis was er voor het glas dat het entreegebied scheidt van het linker gebouwdeel, waar het theatercafé en de kleine zaal gesitueerd zijn. Het noodtrappenhuis dat vlak achter de herbouwde gevel ligt, moest eigenlijk voorzien worden van een dure sprinklerinstallatie. Dat werd voorkomen met een compartimentering. Het glas dat trappenhuis van foyers scheidt is daarom 60 minuten brandwerend, maar ook het gevelglas ter weerszijden daarvan moest aan die eis voldoen om brandoverslag te voorkomen.
Rode accenten
Al die verschillende glaskwaliteiten in de gevel mochten niet leiden tot kleurverschillen. Projectmanager Glaudemans: ‘Waar de constructie en de detaillering zo snel en soepel verliepen, hebben we veel tijd moeten besteden aan het keuren van glasmonsters. Afgezien van het brandwerende glas, dat iets donkerder is, hebben we alles binnen dezelfde kleur kunnen houden.’
Om dit te realiseren is bijvoorbeeld de gehele glasgevel voorzien van een verwarmbare coating op zijde 5, maar zijn alleen de 11 panelen boven de entreedeuren daadwerkelijk verwarmd en verhard uitgevoerd.
Een wèl bewust geïntroduceerde andere kleur was het wijnrood van de horizontale glasstroken. Die zitten op de vloerranden die door de glasgevel zichtbaar zijn, en op de dakrand die boven het glasdak uitsteekt. Dit gefigureerde en in Roemenië gegoten rode glas wordt ’s avonds van achteren aangelicht met ledlampjes die in de 25 cm brede spouw zitten. Een folie zorgt voor de gelijkmatige lichtspreiding.
