Geluid bepalend voor Paulinesymfonie
De geluidbelasting van spoor en A4 hebben grote invloed gehad op het ontwerp van wooncomplex De Paulinesymfonie in Rijswijk. Dat geldt voor het volume, de materialisatie en detaillering. Het gebouw is tevens een geluidsscherm voor de achterliggende wijk.
Op minder dan honderd meter van de plek waar het spoor van Den Haag naar Rotterdam en de rijksweg A4 elkaar kruisen, staat De Paulinesymfonie. De geluidbelasting is hier fors: ruim 75 dB van het railverkeer en 65 dB van het wegverkeer. Het complex met 172 appartementen en verschillende maatschappelijke ruimten, bestaat uit een langwerpig deel van 8 lagen en een hoogbouwdeel met 24 lagen.
Het gebouw vervangt een acht verdiepingen hoge zaagtandflat uit de jaren vijftig. Dit was een gedateerd gebouw met 150 kleine woningen, die door de uiterst magere detaillering niet meer rendabel was op te waarderen. Architect Eric Mathot van het Schiedamse Van Dop + Mathot architecten is al ruim tien jaar bij dit langlopende project betrokken. “Op deze locatie zou de bouw van een aantal woontorentjes een voor de hand liggende optie zijn, ware het niet dat de te slopen flat een cruciaal geluidsscherm was voor de achterliggende eengezinswoningen. Er is toen besloten om een nieuw geluidwerend gebouw neer te zetten in plaats van losse torentjes. Zo waren dure, aanvullende geluidwerende voorzieningen in de rest van de buurt niet nodig.”
Landmark en lint
Het woongebouw is opgedeeld in ‘Het Lint’ en ‘De Toren’. De Toren dient als landmark dat vanaf het spoor en de snelweg het begin van Rijswijk markeert. Het langwerpige deel is opgevat als een voortzetting van de aangrenzende woningbouw met tweelaagse eengezinswoningen en vierlaagse portiekflats. Architect Mathot: “We hebben die verdeling hier op elkaar gestapeld. Om de benodigde (geluidwerende) hoogte te bereiken, zijn daarbovenop nog in architectuur afwijkende maisonnettes als dakwoningen geplaatst.”
Breed en ondiep
Het complex is aan de geluidbelaste zijde ontworpen met zogenoemde dove gevels. Dat betekent een hoge geluidwerende isolatie en in principe geen te openen delen. Met name in Het Lint leidde dit tot bijzondere woningplattegronden. Om de woon- en slaapvertrekken niet aan de geluidbelaste zijde te situeren, is gekozen voor een brede en relatief ondiepe plattegrond, met aan de spoorzijde een galerijontsluiting. Aan deze dove zijde zijn ook de keuken, de sanitaire ruimten en een meter- en regelkast gesitueerd. Om de akoestische doorbreking van de gevel te compenseren, is er voor iedere voordeur een glazen geluidsscherm in de balustrade opgenomen. Maat en detaillering hiervan zijn zorgvuldig ontworpen en berekend op geluidwerende kwaliteiten. Zo mocht de open aansluiting aan boven- en onderzijde van het scherm maximaal 30 mm groot zijn. De heldere gelaagde glasplaten met een dikte van 8 mm (4-0,76-4) zijn onderling met peesrubbers dichtgezet.
De gevel zelf is voorzien van een akoestisch lattenwerk met open voegen, waarachter een geïsoleerd hsb-element en een 10 cm dikke prefab betonwand zit (12 cm t.p.v. de kopgevel van de toren). De totale constructie weegt 2000 N/m2, waarmee de benodigde geluidwering van 40 dB wordt bereikt.
Drie oplossingen
De woontoren wordt aan drie zijden belast met een overdosis geluid. De vertrekken die gelegen zijn aan de zijde die naar het spoor gericht is, hebben geen te openen ramen. De vaste vensters hebben hier glas (12-15-4.4.2) van type Climalit 36/43 van Saint Gobain, met een geluidwering van 36,1 dB. Deze vertrekken zijn in het plan als niet-benoemde ruimten opgenomen. Omdat in de praktijk de ruimte uiteraard wel gebruikt wordt, is hier wel een aansluiting op het WTW-ventilatiesysteem gemaakt.
Aan de kop van het project richt de oostgevel zich niet alleen naar het spoor maar ook naar de snelweg. De geheel in glas uitgevoerde gevel is iets van het spoor weggedraaid. Rondom is de gevel omgeven door een kader dat gevormd wordt door de doorlopende zijgevels. Uit berekeningen bleek dat met het dertig centimeter langer maken van de gevel langs het spoor, er voldoende geluid van de glasgevel wordt weggehouden om zo buiten de eis van een dove gevel te vallen. Met dik glas (als het eerder genoemde vaste glas) en dubbele sponningen kunnen hier nu te openen geveldelen gemaakt worden.
Voor de ramen in de westgevel die boven Het Lint uitsteekt, is een andere oplossing gekozen. Deze zijn vormgegeven als een doorgaande verticale strook van erkers met een driehoekige plattegrond. Aan de geluidluwe zijde hiervan kon een naar binnen draaiend raam worden geplaatst. Alle woningen in De Toren – alsook de dakwoningen in Het Lint – hebben een loggia. Vanwege de geluidsbelasting zijn deze buitenruimten over de volle breedte afsluitbaar gemaakt met een vouwpui.
